Marginale Kosten Berekenen

Marginale Kosten Berekenen
Marginale kosten (MK) In deze uitleg worden de volgende symbolen gebruikt: MK voor marginale kosten ΔTK (delta) voor verandering van de totale kosten Δq (delta) voor verandering van de hoeveelheid (quantity) De marginale kosten zijn de extra kosten die je hebt als je een product extra verkoopt.

marginale kosten = extra totale kosten extra verkochte producten ofwel MK = ΔTK Δq Voor een overzicht voor alle variabelen zoals deze, ga naar het,

: Marginale kosten (MK)

Wat zijn marginale kosten voorbeeld?

Marginale kosten bij proportioneel variabele kosten – Als de variabel kosten per product steeds hetzelfde bedrag zijn, dan spreken we van proportioneel variabele kosten. De totale kosten nemen daardoor rechtevenredig toe met de productieomvang. Bijvoorbeeld wanneer in elke product steeds € 20 aan variabele kosten zit. Dus bij proportioneel variabele kosten geldt: GVK = MK. We zien dat ook in de eerste grafiek: elk product dat extra gemaakt wordt laat de kosten met € 20 (de GVK) stijgen. (in de grafiek in een stap van 10 producten te zien) MK = 20 In een grafiek is dat dus een rechte, horizontale lijn.

Hoe moet je MO uitrekenen?

Berekening – De marginale opbrengst (MO) is te berekenen door de eerste afgeleide te nemen van de totale opbrengst (TO) naar het aantal producten (q):, In het algemeen is deze marginale opbrengst een functie van het aantal producten.

You might be interested:  Behang Berekenen Met Patroon

Waar staat marginale kosten voor?

Marginale kosten geven het bedrag aan waarmee de totale kosten toenemen als een bedrijf één extra product produceert. Omdat de constante kosten niet afhankelijk zijn van de omvang van de productie, kunnen bij een stijging van de productie extra kosten alleen veroorzaakt worden door de variabele kosten.

Waarom winst maximaal bij MO MK?

Gegeven:

De monopolist heeft een productiecapaciteit van 100.000 stuks De variabele kosten bedragen € 30 per product De constante kosten bedragen in totaal € 1.000.000 De betalingsbereidheid van de consumenten kan beschreven worden met de vraaglijn: Q v = – P + 100 (waarbij Q in 1.000 stuks)

In het geval van een monopolist wordt meestal gekeken naar de bedragen per product: de gemiddelde kosten en gemiddelde opbrengsten. In de grafiek zien we de twee break-even-punten. Er zijn twee snijpunten van GO en GTK.

BEP-1 bij 20.000 producten Dat wil zeggen dat de producent minimaal 20.000 producten moet maken als hij geen verlies wil leiden. BEP-2 bij 50.000 producten Dat wil zeggen dat de producent weer verlies gaat maken als hij méér dan 50.000 producten gaat maken.

Tussen de beide BEP liggen de kosten onder de opbrengsten. Dan wordt er dus winst gemaakt. Wanneer een monopolist kiest voor een BEP, zal hij dat niet doen omdat hij geen winst wil maken. Hij doet dit omdat hij bijvoorbeeld snel een markt wil veroveren. In dat geval is het natuurlijk zaak om het tweede BEP te kiezen, met een lage prijs en veel afzet. De marginale opbrengstenlijn geeft aan hoeveel extra opbrengst een producent verdient als hij één extra product verkoopt. Zolang de MO-lijn positief is, zal de totale opbrengst stijgen (al stijgt hij steeds minder hard). De omzet is maximaal als MO = 0, dus bij een productie van 50.000 stuks. Bij een lage productie-omvang is MO > MK. Dat betekent dat een extra product méér extra opbrengt, dan het extra kost. De winst zal door dat product dus stijgen. Het verschil tussen MO en MK wordt wel steeds kleiner als er meer geproduceerd wordt, maar zolang MO > MK zal de winst stijgen. Tot 35.000 producten zal de winst dus blijven stijgen. Bij 35.000 producten zijn MO en MK aan elkaar gelijk. Na 35.000 producten worden de MK > MO. Dat wil dus zeggen dat een extra product méér extra kost dan het extra oplevert, waardoor de totale winst daalt. Maximale winst wordt dus gehaald bij de productie-omvang waar geldt: MO = MK In dit geval bij 35.000 producten. Bij elke doelstelling hoort dus een hulp-punt om de productie-omvang te kunnen kiezen:

You might be interested:  Watt Naar Ampere Berekenen

GO = GTK vertelt ons de productie-omvang waarbij er geen winst en geen verlies gemaakt wordt. MO = 0 vertelt ons bij welke productie-omvang de producent maximale omzet haalt. MO = MK vertelt ons bij welke productie-omvang het bedrijf maximale winst haalt.

Dankzij de hulp-punten kun je dus de productie-omvang vinden die hoort bij de gekozen doelstelling. Vanuit die productie-omvang kun je vervolgens de prijs (GO) of de kosten (GTK) aflezen of uitrekenen. Ga daarvoor vanuit de gekozen productie-omvang omhoog tot je de lijn juiste tegenkomt.

Wat is de marginale verdeling?

Marginale verdeling – De simultane verdeling van een aantal stochastische variabelen bepaalt ook de verdeling van elk van de variabelen afzonderlijk. Omdat een dergelijke verdeling in het discrete geval in de marge van de tabel met kansen verschijnt, wordt deze verdeling in dit verband wel aangeduid als marginale verdeling,

  • In het discrete geval verkrijgt men de marginale verdeling door te sommeren.
  • Zo is de (marginale) kansfunctie van de discrete stochastische variabele X 1 } : p X 1 ( x 1 ) = ∑ x 2,, x n p ( x 1, x 2,, x n ) }(x_ )=\sum _,\ldots,x_ }p(x_,x_,\ldots,x_ )} In het continue geval verkrijgt men de marginale verdeling door te integreren.

Zo is de (marginale) kansdichtheid van de continue stochastische variabele X 1 }, f X 1 ( x 1 ) = ∫ − ∞ ∞ ∫ − ∞ ∞ f ( x 1, x 2,, x n ) d x n d x 2 }(x_ )=\int _ ^ \ldots \int _ ^ f(x_,x_,\ldots,x_ )\, }x_ \ldots }x_ } Overgenomen van “” : Simultane verdeling – Wikipedia